Beeld: Niks Ads / stock.adobe.com / Generated with AI
“Programma IGF draagt nauwelijks bij aan het verbeteren van de kwaliteit van de zorg”, concludeert het Adviescollege in een analyse. Het was de bedoeling dat de zogeheten generieke functies de datastroom in de zorg zouden ondersteunen. De functies zouden de vindbaarheid, toegankelijkheid, interoperabiliteit en mogelijkheid tot hergebruik van zorggegevens moeten vergroten. Dat zou de kwaliteit en veiligheid in de zorg verbeteren en vanaf 2029 jaarlijks 340 miljoen euro besparen.
‘Weinig gerealiseerd’
De ontwikkeling en uitrol van de generieke functies is onderdeel van het Integraal Zorgakkoord (IZA). Het Adviescollege stelt echter vast dat er “heel weinig gerealiseerd” is van de toezeggingen in het akkoord. Aanvankelijk zouden in 2025 de generieke functies sectoroverstijgend beschikbaar moeten zijn en in de praktijk worden gebruikt. Later werd dat verschoven naar 1 juli 2026, maar ook dat is een onhaalbare kaart gebleken.
Onhaalbare doelen
Het Adviescollege ICT-toetsing onderzocht de stand van zaken op verzoek van het ministerie. Aan het totaal in de soep lopen van het programma ligt een aantal oorzaken ten grondslag. Zo zijn de IZA-doelen te ambitieus in de ogen van de adviseurs, waardoor het van meet af aan gedoemd was te mislukken. Binnen drie jaar alle zes functies voor de hele zorg klaar hebben is niet realistisch en dat werkt “contraproductief voor de voortgang”. Het lijkt op onderschatting van de extreem complexe situatie waarin gewerkt moet worden, met talloze leveranciers, zorgaanbieders met hun eigen belangen en technische uitdagingen. “Bij aanvang van IGF was er nog geen overkoepelende architectuur en die is er nog steeds niet”, staat in het advies. Daar komt bij dat de wensen en eisen te abstract zijn geformuleerd. “Het is niet helder voor welke concrete problemen de generieke functies oplossingen zijn”, valt te lezen.
Slechte sturing
Bovendien geven de verantwoordelijke beleidsdirecties te weinig sturing aan het programma en is ook aansturing binnen de directie Informatiebeleid “gebrekkig”. Dat “belemmert het boeken van resultaten”, staat in het document. Zo ontbreekt de samenhang met andere programma’s, zoals die voor de Persoonlijke Gezondheidsomgeving en de Eenheid van Taal, terwijl het daar wel deels van afhankelijk is. Een andere pijnlijke conclusie is dat binnen VWS te weinig kennis en deskundigheid aanwezig over de sectoren, bestaande oplossingen en wat er in de regio gebeurt (“die komen pas bij de implementatie in beeld”). Dat draagt eraan bij dat het ministerie de regierol niet goed kan invullen. “De algemene indruk is dat VWS echt iets in beweging heeft gezet”, observeert het Adviescollege. “Resultaten blijven echter uit, omdat het VWS niet lukt deze regisseursrol goed in te vullen.”
Drastisch andere aanpak
Op dezelfde voet verder gaan, heeft weinig zin, schrijft het Adviescollege. Er moet een drastisch andere aanpak komen. Alleen de generieke functies Dezi (voor identificatie en authenticatie) en Mitz (voor toestemmingsregistratie) zijn mogelijk nog levensvatbaar, maar dan wel in aangepaste vorm. Overigens staat in het rapport ook over die functies kritiek. Zo stelt het programma “nauwelijks eisen aan de kwaliteit van de voorzieningen die gerealiseerd worden”. Die opmerking heeft betrekking op Mitz en Dezi. “Dit levert onnodige risico’s op voor belangrijke aspecten als security, privacybescherming, beschikbaarheid en bruikbaarheid.”
De andere functies, gericht op adressering, lokalisatie en autorisatie kunnen de prullenbak in, zo luidt het advies. “Verbeter gegevensuitwisseling door stapsgewijs concrete belemmeringen weg te nemen in plaats van generieke oplossingen te ontwikkelen” is het glasheldere advies. Dat wegnemen van concrete belemmeringen zou gestuurd moeten worden door veldpartijen, onder verantwoordelijkheid van Wegiz-programma’s. Bovendien moet VWS blijkens het advies de uitvoering en coördinatie binnen de directie informatiebeleid verbeteren en doorgaan met het ontwikkelen van juridische instrumenten om regie te voeren. Tegelijkertijd maakt VWS volgens de analyse weinig gebruik van de juridische mogelijkheden om partijen te sturen.
Belangen
Verzachtende omstandigheid voor het falende ministerie is het extreem lastige veld waarin het moet werken. Zo stipt het Adviescollege aan dat belangentegenstellingen de slagvaardigheid van het ministerie hindert. “VWS zet in op consensusvorming en consentprocessen, maar verschillende sectoren hebben blokkerende of zwaarwegende bezwaren omdat ze geïnvesteerd hebben in eigen onderliggende infrastructuren voor het uitwisselen van gegevens.” Als voorbeeld wijst het Adviescollege op Zorgplatform van leverancier ChipSoft. Ziekenhuizen gebruiken dat vaak om gegevens uit te wisselen, maar organisaties in de VVT-sector gebruiken Nuts.
123 miljoen
Het advies om het roer radicaal om te gooien is een bittere pil voor VWS. De generieke functies zijn in de ogen van het ministerie randvoorwaarden voor de vlaggenschepen Landelijk Dekkend Netwerk en Nationale Visie en Strategie, het overkoepelende plan om de situatie rond de databeschikbaarheid uit het slop te trekken.
Voor het programma generieke functies was 123 miljoen uitgetrokken, waarvan ongeveer een derde al is uitgegeven of toegezegd. Deels is dat gegaan naar een functie waarvan het Adviescollege zegt: stop er maar mee. Die zijn tot dusverre slechts door een klein groepje leveranciers en zorgaanbieders “beproefd”, terwijl er nog discussie is over de beveiligingsnormen en belangrijke uitgangspunten voor het ontwerp.
Totale deceptie
Het beeld dat uit het document naar voren komt is dat van een totale deceptie, in de twaalf pagina’s is nauwelijks een lichtpuntje te ontdekken. De volgende alinea geeft de ontluisterende teneur misschien nog het beste weer: “VWS heeft ervoor gekozen het programma per 1 juli 2026 te beëindigen. Dat vinden we een goed idee, omdat de huidige aanpak te weinig resultaten oplevert. Tegelijkertijd heeft VWS aangegeven na 1 juli te willen doorgaan met het ontwikkelen van generieke oplossingen om de beoogde doelen alsnog te halen. Over dit voornemen zijn we zeer kritisch.”
Minister Sterk heeft laten weten de adviezen “zeer serieus” te nemen.

