Fleur Agema, minister van Volksgezondheid | Foto: Martijn Beekman
De beslissing van het Outbreak Management Team (OMT) en het kabinet om de verpleeghuizen in 2020 te sluiten, werd breed gesteund door de Tweede Kamer. Achteraf noemt Agema dat echter een ‘verkeerd besluit’, zo verklaarde zij vandaag.
“Ik wist in die tijd natuurlijk wel dat de bouwmarkten werden afgestruind op zoek naar mondkapjes. En dat er onvoldoende mondkapjes waren in de verpleeghuizen en thuiszorg, omdat ze allemaal werden gereserveerd voor de ziekenhuizen. Later bleek ook dat we al onze voorraden aan China hadden verkocht. Alleen Jos de Blok had voor zijn organisatie Buurtzorg Nederland zelf mondkapjes georganiseerd, maar de rest van de sector zat zonder. Als Kamer werden wij hier echter helemaal niet over geïnformeerd. Dat dit ook meespeelde in de besluitvorming, is pas later gebleken. Dat wisten wij toen niet.”
Geen debat
Volgens Agema vond het debat over belangrijke besluiten pas plaats nadat de beslissingen al waren genomen. “De stukken over ingrijpende besluiten kregen we pas de avond voor de technische briefing en het debat daarover. Het was iedere keer midden in de nacht een enorme klus om die stukken door te nemen.”
Aerosolen
Ook was er volgens Agema te lang weerstand tegen de theorie dat het virus zich via aerosolen verspreidde: kleine zwevende vochtdeeltjes in de lucht. Agema, die aan het begin van het verhoor aangaf beschikbaar te zijn voor functies zoals een burgemeesterschap, zei hierover: “De erkenning van de aerosolen-theorie kwam veel te laat, pas in 2024. Een aantal maatregelen zou anders zijn geweest als dit besef eerder was doorgedrongen bij het OMT.”

