Gemiddeld zaten er in 2025 493 dagen tussen EMA-goedkeuring en de datum waarop een middel beschikbaar werd voor Nederlandse patiënten. In 2024 waren dit nog 459 dagen.
Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen
De Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen (VIG) benadrukt dat in Nederland vooral de toegang tot nieuwe kankermedicijnen is verslechterd. Van de nieuwe kankermedicijnen die de afgelopen vier jaar zijn goedgekeurd door de EMA, is 41 procent beschikbaar voor Nederlandse patiënten. Vier jaar geleden was dat tachtig procent. Dat komt volgens de belangenclub onder andere omdat in Nederland de eisen voor toelating tot de markt soms strenger zijn dan in andere landen.
Amper innovatief
Mark Janssen, voorzitter Zorginstituut Nederland, biedt graag wat context bij de klachten van de VIG, maar begint met zeggen: “Laat ik duidelijk zijn: goede medicijnen willen we snel beschikbaar hebben. Wij werken daar hard aan.”
Maar niet elk nieuw (kanker)medicijn dat door de EMA goedgekeurd wordt, biedt daadwerkelijk gezondheidswinst. Daarom is het volgens Jansen niet wenselijk om elk nieuw medicijn in het basispakket te doen: “We zien ook middelen die nauwelijks verschil maken voor iemands gezondheid of kwaliteit van leven. Die wel tegen een hoge prijs worden aangeboden. Dat geld geven we liever uit aan andere behandelingen of medicijnen, zodat iedereen in ons land snelle toegang behoudt tot goede zorg.”
Farmaceut kan sneller aanbieden
Over de tijd tussen EMA-goedkeuring en toegang voor de Nederlandse patiënt zegt Janssen: “De grootste tijdwinst kunnen farmaceuten zelf halen. Die hebben drie knoppen waar ze aan kunnen draaien: minder lang wachten met een aanvraag doen voor toelating tot het basispakket, goed en volledig bewijs leveren dat een nieuw geneesmiddel écht werkt voor een patiënt, en tot slot zo’n middel aanbieden voor een prijs die in een redelijke verhouding staat tot wat het doet.”
Andere zorgsystemen
Ook de vergelijking met andere Europese landen is volgens Janssen appels met peren vergelijken. “Bedenk: als een geneesmiddel in het basispakket komt, wordt het voor iedereen die het nodig heeft, vergoed. Dat is in veel andere Europese landen niet het geval.” (ANP/Skipr redactie)
