Dat schrijft ze in de ‘Kamerbrief Stand van zaken eerlijk speelveld‘ van 1 juni. De brief werd tegelijkertijd gepubliceerd met het feitenonderzoek dat onderzoeksbureau Gupta uitvoerde naar ‘het speelveld in de sectoren wijkverpleging, ggz en msz’ en het advies van de landsadvocaat over aanpassingen van artikel 13 in de Zorgverzekeringswet.
Minister Hermans begint de brief met duidelijke stellingname: “Om de beweging naar passende zorg te laten slagen is het van groot belang dat alle zorgaanbieders een eerlijke bijdrage leveren. Het mag bijvoorbeeld niet zo zijn dat zorgaanbieders zich enkel richten op patiënten/cliënten met een lichte zorgvraag, niet regionaal samenwerken waar nodig en zich op grote schaal onttrekken aan avond-, nacht- en weekenddiensten (ANW-diensten). De patiënt/cliënt ondervindt daar de negatieve gevolgen van vanwege het effect op de toegankelijkheid en kwaliteit van de zorg.”
In het aanvullend zorg- en welzijnsakkoord (AZWA) is afgesproken dat iedereen een eerlijke bijdrage levert aan dit akkoord. Aangezien niet alle zorgaanbieders dat doen, neemt de minister nu maatregelen.
Strengere wettelijke eisen
Zorgaanbieders moeten verplicht worden om ‘constructief en gedegen’ mee te doen met regionale samenwerking. Hermans wil bij wet verbieden dat zorgaanbieders zich ‘zomaar onttrekken’ aan ANW-diensten, acute zorg en concentratie van complexe zorg.
Zorgverzekeraars krijgen meer macht
Ook werkt het kabinet aan de afschaffing van vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg. Dan kunnen zorgverzekeraars passende zorg afdwingen met contractering.
Daarnaast wil Hermans dat zorgverzekeraars meer informatie krijgen over of zorgaanbieders passende zorg leveren of niet. Zorgverzekeraars zouden declaratiegegevens moeten krijgen van álle zorgaanbieders en geautomatiseerd inzicht in wachtlijsten.
Het kabinet wil dit wetspakket ‘zekerheid dat passende zorg er is’ in het vierde kwartaal van 2027 aan de Tweede Kamer aanbieden.
Uitwassen
Het kabinet wil strengere regels voor ondernemen in de zorg. Zo willen ze ‘uitwassen van private equity tegengaan’ en voorwaarden stellen voor verantwoord ondernemerschap.
VWS werkt al langer aan een wetswijziging van de Wet integere bedrijfsvoering zorg- en jeugdhulpaanbieders (Wibz). Daarin staan onder andere beperkingen rondom winsten. Die wet is al meerdere keren van VWS naar de Kamer en teruggegaan. De Raad van State heeft zich ook al eens uitgesproken over de voorgenomen wetswijziging. Hermans werkt nu dus aan een ‘herbezinning’ van dit wetsvoorstel. Ze belooft de Kamer de uitkomsten van die herbezinning nog voor de zomer op te sturen.
Ook wil ze toezicht op toetreding en bedrijfsvoering van zorgaanbieders versterken met meer fysieke controles en dus ook een uitbreiding van de capaciteit van toezichthouders en opsporingsinstanties.
Tarieven in medisch-specialistische zorg
Hermans heeft speciale aandacht voor de tarieven in de medisch-specialistische zorg. De Nederlandse Zorgautoriteit onderzocht de differentiatie van betaaltitels en concludeerde dat het niet doelmatig is om prestatiedifferentiatie toe te passen op passende zorg.
Sommige zorgaanbieders gaven de afgelopen maanden aan dat er ‘scheve machtsverhoudingen’ zijn tussen aanbieders en zorgverzekeraars en dat die ‘evenwichtige contractering bemoeilijken’. Uit het onderzoek van Gupta blijkt ‘geen eenduidig beeld over die machtsverhoudingen’. Toch wil VWS die gevoelens serieus nemen.
Het kabinet gaat geen aparte prestaties invoeren voor passende zorg. Wel willen ze meer transparantie over wat er onder welke tarieven valt. Dit om ‘kruissubsidiëring’ tegen te gaan – dat is dat dure zorg, zoals spoedeisende hulp en intensive care, gedekt worden door inkomsten uit planbare en chronische zorg.
Een van de manieren om dit tegen te gaan is de budgetbekostiging voor de SEH die het kabinet stapsgewijs gaat invoeren vanaf 2027.
Brandbrief NVZ
Het kabinet lijkt dus een heel eind mee te gaan met de klachten van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen. Hermans heeft ook de reacties van Zelfstandige Klinieken Nederland (ZKN), Zorgverzekeraars Nederland en Stichting handhaving vrije artsenkeuze gelezen, maar daar komt ze niet meer op terug. ZKN reageerde al met een kritische reactie op dit voorgenomen beleid.


Dit lijkt mij een iets te pakkende titel. Tot nu toe zijn al deze pogingen van zorgverzekeraars om via hun politieke lobby dit voor elkaar te krijgen mislukt. En niet voor niks. zie: https://www.linkedin.com/posts/glenn-mitrasing-918893363_wanneer-krijgt-de-zorgjournalistiek-haar-share-7468170354793041920-bMad/?utm_source=share&utm_medium=member_desktop&rcm=ACoAAFpdgmQBK9QoFl66SMYZ27ra7i1ToeUrSoc
Minister Hermans maakt zorgverzekeraars nog machtiger
Met de nieuwste plannen van minister Hermans zet het kabinet opnieuw een stap in dezelfde richting als de afgelopen twintig jaar: meer macht voor zorgverzekeraars.
Dat is opmerkelijk. De Zorgverzekeringswet werd in 2006 op initiatief van VVD-minister Hans Hoogervorst ingevoerd met de belofte van betere zorg, lagere kosten en meer keuzevrijheid. Twintig jaar later lijkt vooral één partij sterker uit dat stelsel te zijn gekomen: de zorgverzekeraar.
Volgens het kabinet moeten zorgverzekeraars meer gegevens krijgen, meer inzicht krijgen in wachtlijsten en meer mogelijkheden krijgen om te bepalen wat passende zorg is. Daarmee verschuift de macht opnieuw verder van patiënt en zorgverlener naar de verzekeraar.
Steeds vaker lijkt het alsof de patiënt en de zorgverlener op de achterbank zitten, terwijl de zorgverzekeraar achter het stuur plaatsneemt.
De grote vraag is wie uiteindelijk het meeste voordeel heeft gehad van de marktwerking in de zorg. Patiënten ervaren minder keuzevrijheid. Zorgverleners besteden steeds meer tijd aan registraties, controles en verantwoordingen. De partij die juist steeds meer invloed heeft gekregen, is de zorgverzekeraar.
Met de plannen van minister Hermans wordt die positie opnieuw versterkt. Dat roept een fundamentele vraag op: wie bepaalt straks wat goede zorg is? De arts die de patiënt behandelt? De patiënt zelf? Of de organisatie die de rekening betaalt?
Die ontwikkeling sluit aan bij een thema waar ik eerder over schreef in Van mens naar kostenpost: het risico dat systemen, regels en financiële afwegingen langzaam belangrijker worden dan de mensen voor wie zij ooit zijn bedoeld. Juist in de zorg zouden we daar alert op moeten zijn. Achter iedere declaratie zit immers een mens en achter iedere kostenpost een patiënt.
De plannen van minister Hermans gaan daarom over meer dan zorgbeleid alleen. Ze gaan over de vraag wie de regie krijgt over de gezondheidszorg: de patiënt en de zorgverlener, of de zorgverzekeraar.
Voortaan afhankelijk zijn van zorg welke zorgverzekeringen goedkoop genoeg vinden. Wie of wat bepaalt welke zorg voor mij passend is? Ikzelf niet meer.
Eerst zien of er een meerderheid voor te krijgen is in de Tweede Kamer voor dit minderheidskabinet, daarna nog de Eerste Kamer.