De Raad van Ouderen adviseert de minister van VWS gevraagd en ongevraagd over zaken die ouderen aangaan, vanuit het perspectief van ouderen zelf. Zo ook in een recent advies over de zorgzame samenleving. De Raad vindt het goed dat mensen elkaar helpen, maar ziet ook gevaren. “Voor sommige ouderen is meedoen aan de samenleving moeilijk. Het geven van hulp en steun kan te veel worden en sommige kwetsbare ouderen krijgen niet de hulp die zij nodig hebben.”
Veel ouderen willen en kunnen geen lichamelijke of medische zorg verlenen aan hun buurtgenoten. Bijvoorbeeld hulp bij het douchen of het geven van medicijnen. Ouderen vinden dit echt werk voor professionele zorgverleners. Uit het onderzoek blijkt ook wat ouderen wél graag voor elkaar willen doen, waaronder boodschappen en vervoer regelen, zoals een ritje naar de dokter of het ziekenhuis. Maar ook samen een wandeling maken, lezen of een maaltijd koken. Ouderen zijn hier vooral toe bereid als ze de ander al goed kennen en vertrouwen.
Hulp vragen
Veel ouderen vinden het lastig om hulp te vragen, en willen graag zelfstandig blijven. Ze stellen het vragen of inschakelen van hulp zo lang mogelijk uit. Als het echt niet anders kan, vragen ouderen het liefst hulp aan hun eigen partner of kinderen. Pas in uiterste nood vragen ze hulp aan de buurt. Veel ouderen doen dat liever helemaal niet. Meer dan de helft van de ouderen heeft nog geen afspraken gemaakt met buurtgenoten over het helpen van elkaar. Een kleine groep ouderen is eenzaam, kent niemand in de buurt en durft daardoor geen hulp te vragen.