Eerder kwam in het nieuws dat bij een van de klinieken waar Alrijne naar doorverwijst oogartsen werken van Alrijne zelf. Bij Alrijne zelf zijn de wachtlijsten van de afdeling Oogheelkunde te lang. Ook waren er vragen over de financiële gevolgen als de laagcomplexe zorg, die relatief winstgevend zou zijn voor ziekenhuizen, wordt opgevangen door een kliniek.
“De ruimte die ontstaat in de afspraken met zorgverzekeraars wordt opgevuld met tweedelijnszorg die moet plaatsvinden in een ziekenhuis”, zegt de minister over de financiële gevolgen voor het ziekenhuis.
Vast aantal uur
De constructie leidde tot Kamervragen van de SP, die wilde weten hoe het kan dat specialisten geen tijd hebben voor controles in het eigen ziekenhuis, maar wel in een commerciële kliniek. De minister wijst in haar antwoord op de contractuele afspraken: “De oogartsen van het Ziekenhuis van Alrijne zijn gecontracteerd voor een vast aantal uur door het ziekenhuis. Het staat oogartsen vrij om naast deze uren oogzorg te leveren bij andere aanbieders.”
Onvermijdelijk
Volgens Hermans is de verschuiving van zorg deels onvermijdelijk om de stijgende zorgkosten en het personeelstekort op te vangen. “De komende jaren zullen mensen in toenemende mate een beroep doen op de zorg zonder dat het aantal zorgprofessionals in dezelfde mate meegroeit”, stelt de minister. “Om de zorg toegankelijk en betaalbaar te houden, moet de zorg slimmer worden georganiseerd.”
Eerlijker speelveld
Zij benadrukt wel dat er wordt gewerkt aan een “eerlijker” speelveld in de ziekenhuiszorg, bijvoorbeeld door het plan om de vergoeding voor de niet-gecontracteerde zorg af te schaffen.
