De rechter oordeelt dat er op dit moment onvoldoende sprake is van een spoedeisend probleem dat een directe maatregel vereist.
Het conflict vloeit voort uit het beëindigen van de maatschap tussen twee huisartsen in 2025. De ruimtes in het centrum werden toen verdeeld tussen de huisartsen. Deze verdeling is echter niet exact vijftig procent voor beide partijen.
Rechter wijst verzoek af
Na de breuk kreeg het personeel de keuze bij welke arts zij wilden blijven werken. Zij zijn daarbij in hun vertrouwde werkkamers gebleven.
De ene huisarts stapte naar de rechter om een nieuwe, tijdelijke indeling van het gezondheidscentrum af te dwingen. Hij stelde dat de huidige situatie onpraktisch is en negatieve gevolgen heeft voor de patiëntenzorg.
Maar de rechter wijs het verzoek af. Dat de ruimtes niet volledig evenredig zijn verdeeld, is volgens de rechter geen reden om op korte termijn tot een nieuwe indeling over te gaan. Tijdens de zitting kwamen signalen aan bod over hoge werkdruk en personeel dat dreigt uit te vallen door de onderlinge spanningen. Ook dit gaf de rechter onvoldoende aanleiding om in dit stadium een beslissing te forceren.
Over de definitieve afwikkeling van de verbroken samenwerking tussen de twee huisartsen loopt reeds een uitgebreidere juridische procedure.
