Beeld: freshidea/stock.adobe.com
De 56-jarige man met hemofilie onderging in de jaren negentig regelmatig bloedonderzoeken in het Amsterdam UMC. Op 27-jarige leeftijd – in 1997 – was de uitslag op hepatitis C positief. “Waarschijnlijk is hij hiermee besmet geraakt toen hij op 6- of 14-jarige leeftijd (in andere ziekenhuizen) bloedtransfusies heeft ondergaan”, meldt het rechtbankverslag.
Diagnose niet gedeeld
De uitslag is vervolgens niet gedeeld met de man en zijn huisarts. Ook niet toen hij in 2002 opnieuw op consult was bij de polikliniek hematologie. In 2006 werd de diagnose opnieuw in het dossier opgemerkt. De betrokken hematoloog probeerde de man toen per telefoon te bereiken. In een brief riep hij de man op voor een consult om de uitslag te bespreken.
Het is onduidelijk of de brief is ontvangen. Aan de oproep is door de man geen gehoor gegeven. Zelf zegt hij niks van het ziekenhuis te hebben vernomen. Ook bij de overdracht van medische gegevens in 2024 van het VUMC aan het AMC is de diagnose niet vermeld.
Ongeneeslijk ziek
In 2023 werd bij de man leverkanker vastgesteld. Inmiddels is hij uitbehandeld. De diagnose is hoogstwaarschijnlijk het gevolg van levercirrose, ontstaan als gevolg van de hepatitis C-infectie. Dat concludeert MDL-arts Rob de Knegt van het Erasmus MC, die door beide partijen is aangewezen.
“Hij acht de kans erg groot dat als [verzoekende partij] in de tijdsperiode gelegen tussen 1997 en 2016 zou zijn behandeld voor de hepatitis C-infectie, hij daarvan genezen zou zijn”, meldt het rechtbankverslag. “In dat geval zou de levercirrose niet zijn opgetreden of mogelijk zijn verdwenen met uiteindelijk een zeer klein risico op de ontwikkeling van een carcinoom.”
Aansprakelijk
Begin 2024 stelde de man het Amsterdam UMC aansprakelijk. Het ziekenhuis erkende haar aansprakelijkheid voor het niet informeren van de man. Vervolgens heeft zij 160.000 euro aan voorschotten betaald en 26.524 euro aan buitengerechtelijke kosten.
De man vond eerder een bedrag van 275.000 euro billijk en wilde daarmee dat het ziekenhuis nog 125.000 euro zou bijleggen. De rechtbank veroordeelt het ziekenhuis tot betaling van de smartengeldvergoeding in de hoogste categorie: dodelijke verwondingen. Volgens de rechter is er sprake geweest van onopzettelijk, maar herhaaldelijk nalatig handelen. Het ziekenhuis wijt het aan ‘administratieve redenen’.
Uitspraak
De rechtbank stelt een smartengeldvergoeding vast van in totaal 180.000 euro plus de wettelijke rente per 1 januari 2023, minus het gedeelte dat Amsterdam UMC al heeft betaald. Ook moet het ziekenhuis zo’n 9000 euro juridische kosten vergoeden.
Op vragen van het Algemeen Dagblad over waarom het ziekenhuis de diagnose niet deelde, wil Amsterdam UMC geen uitspraken doen. Wel meldt de woordvoerder zich te conformeren aan de uitspraak en de kwestie serieus te nemen.

