Het bericht dat de IBZ is opgeheven deed begin deze week de nodige stof opwaaien. Minister Sterk gaf in een debat aan verbaasd te zijn over de berichtgeving en de Kamerfractie van 50PLUS heeft Kamervragen gesteld en een motie tegen het opheffen van IBZ ingediend. Zowel de minister als de Kamerleden zeggen fraudebestrijding heel belangrijk te vinden evenals de rol die de IGJ hierin speelt.
In het persbericht stelt de IGJ dat de IBZ altijd al een tijdelijk programma was om kennis over fraude te bundelen en dat die kennis nu in heel de organisatie aanwezig is. “De opgebouwde kennis en expertise van het programma IBZ gaat van een tijdelijke programma-inrichting naar een structurele borging binnen de IGJ. Hiermee zorgt de IGJ dat de aanpak effectiever wordt en beter wordt verbonden met haar toezicht activiteiten.”
Uit interne stukken in handen van EenVandaag blijkt dat het personeel van de IBZ geprotesteerd heeft tegen de opheffing. Het verspreiden van de mensen uit het IBZ over de reguliere toezichtafdelingen van de IGJ brengt volgens de IBZ’ers ‘reële risico’s’ met zich mee: verlies van specialistische samenhang en dossierkennis.
De IGJ houdt volgens het persbericht echter een duidelijke rol wanneer “ fraude, zorgcriminaliteit of niet-integere bedrijfsvoering leidt tot ernstige en concrete risico’s voor kwaliteit en veiligheid van zorg en zorgverwaarlozing.”
