De nieuwe cao voor umc-medewerkers loopt van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2027. De aanvullende afspraken worden toegevoegd aan het cao-akkoord dat werkgeversvereniging UMCNL eind januari al met drie andere vakbonden sloot.
Positie medisch specialisten
Een belangrijk onderdeel van de aanvullende afspraken betreft de positie van medisch specialisten. Zo wordt de eerder afgesproken verhoging van de zogenoemde dienstenleeftijd naar 62 jaar teruggedraaid. Dat betekent dat specialisten vanaf hun zestigste kunnen stoppen met diensten, met behoud van de toeslag voor beschikbaarheid. Ook vervalt de afspraak dat hun gemiddelde arbeidsduur vanaf 60 jaar zou worden verlaagd naar 40 uur. Individuele afspraken die al zijn gemaakt, blijven wel gelden.
Daarnaast moeten uiterlijk eind 2026 op alle afdelingen afspraken zijn gemaakt over acht uur rusttijd na een dienst. Partijen onderzoeken bovendien hoe kan worden toegewerkt naar een flexibelere en meer gedifferentieerde regeling voor contractomvang en dienstvergoedingen.
Loonsverhoging
Op het gebied van loonafspraken wordt de afgetopte salarisverhoging in 2027 geschrapt. Dat betekent dat alle umc-medewerkers dat jaar een loonsverhoging van 3,5 procent krijgen. In 2026 blijft sprake van loondifferentiatie.
Verder worden afspraken over doorbetaling van toelagen tijdens de zwangerschap uitgebreid naar medisch specialisten. Zwangere specialisten die vanaf week 20 geen nachtdiensten meer draaien, krijgen voortaan hun gemiddelde toelage doorbetaald. Tot slot starten UMCNL en FBZ een gezamenlijke studie naar de positionering van ziekenhuisapothekers, klinisch chemici en klinisch fysici binnen de cao.
Eerste stap
Volgens LAD-onderhandelaar Yoram Bovenkerk is het akkoord een belangrijke stap richting toekomstbestendige zorg en duurzame inzetbaarheid. Ook FBZ-onderhandelaar Simone Beer-Evers spreekt van een doorbraak: “We zijn blij dat de meeste zorgprofessionals de aanvullende afspraken zien als een belangrijke stap op weg naar een cao waarin hun welzijn centraal staat.”
Hoewel het akkoord breed wordt ondersteund, benadrukt Bovenkerk dat dit ‘pas een eerste stap’ is. “Het is belangrijk de komende tijd door te pakken en concrete afspraken te maken die bijdragen aan de duurzame inzetbaarheid van medisch specialisten, waaronder een normalisering van de arbeidsduur.”
