Het gaat dan om jongeren die zelf niet roken, maar die wel binnenshuis worden blootgesteld aan tabaksrook van anderen.
Meeroken
De afname zit vooral bij de 18- tot 25-jarigen die minstens één keer per week meeroken. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
In 2025 rookte 16 procent van de 12- tot 18-jarigen en 18 procent van de 18- tot 25-jarigen minstens één keer per week mee. In 2019 was dat nog 21 procent en 33 procent. Tussen 2019 en 2021 daalde het aandeel bij beide leeftijdsgroepen. In de jaren daarna bleef het vrij stabiel. Onder kinderen jonger dan 12 jaar was het aandeel dat wekelijks meerookt in de hele periode lager en veranderde bijna niet.
Er zijn ook jongeren die wel meeroken, maar bij wie dit minder dan wekelijks voorkomt. In 2025 was het aandeel 18- tot 25-jarigen dat minstens wekelijks meerookt lager dan in 2019; het aandeel dat minder dan wekelijks meerookt bleef gelijk. Bij jongeren van 12 tot 18 jaar daalde het aandeel dat minder dan wekelijks meerookt in die periode.
