Beeld: z_wei / Getty Images / iStock
Als ziekenhuizen willen bijdrage aan passende zorg, dan zullen de medisch-specialistische bedrijven binnen die ziekenhuizen mee moeten doen. Daarom onderzocht de NZa in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid de bestuurlijke en financiële relatie tussen ziekenhuizen en msb’s.
Een jaar geleden formuleerde de zorgautoriteit acht verbeterpunten voor deze samenwerking. Nu blijkt dat vier van de acht verbeterpunten onvoldoende zijn opgepakt.
Productieprikkels
Nog steeds zijn er te veel financiële afspraken binnen het msb die sterke productieprikkels bevatten, schrijft de NZa. Die productieprikkels verhogen “het risico op spanningen in de samenwerking tussen msb’s en ziekenhuizen”. Op het moment dat een ziekenhuis wil stoppen met bepaalde medische verrichtingen, in het kader van passende zorg, dan kan dat leiden tot “weerstand” bij de msb’s.
Niet transparant over financiën
Daarnaast zijn msb’s zijn onvoldoende transparant over hun financiën. 37 procent van de ziekenhuizen heeft geen of deels inzicht in de jaarrekeningen van de msb’s. 73 procent van de ziekenhuizen weet niet welke bedragen vakgroepen ontvangen op basis van de onderlinge verdeelsystematiek. De helft van de ziekenhuizen heeft geen of maar deels inzicht in de productiecijfers van de msb’s.
Volgens de NZa is dit eenvoudig te realiseren. Daarom noemen ze dit “zorgelijk”.
Invloed aanname nieuwe specialisten
Verder staat in het rapport: “Bij 40 procent van de msb’s en ziekenhuizen heeft het ziekenhuis te weinig invloed op het aannameproces van vrijgevestigde medisch specialisten.” De Federatie Medisch Specialisten (FMS) en de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen hebben afgesproken dat ziekenhuizen invloed hebben op het aantal formatieplaatsen (fte’s) van de vakgroepen – niet op wie er aangenomen wordt. Uit het onderzoek van de NZa blijkt dat twee op de vijf ziekenhuizen hier geen inspraak in hebben. Ook dit wordt een probleem bij verdere concentratie en spreiding, waarschuwt de NZa.
Meerdere msb’s in een ziekenhuis
Ook het vereniging van losse msb’s in één geïntegreerde msb wil niet vlotten. De NZa erkent dat dit niet in een jaar geregeld is, maar constateert ook dat “het overgrote deel van de msb’s en ziekenhuizen tot op heden geen actie heeft ondernomen om het aantal msb’s terug te brengen tot maximaal één.”
Bij het eerste deelonderzoek gaven ziekenhuis met meerdere msb’s aan dat ze de “bestuurdbaarheid van het ziekenhuis niet gediend is bij de aanwezigheid van meerdere msb’”. Nu, in het tweede onderzoek zien ze dat probleem ineens veel minder.
Goede verbeteringen
Op vier van de acht punten is de samenwerking tussen de ziekenhuizen en msb’s verbeterd. De meeste ziekenhuizen (90 procent) heeft inmiddels een gezamenlijke (meerjaren)strategie. Volgens de ziekenhuizen dient een grote meerderheid van de msb’s niet enkel het eigen belang, maar ook het overkoepelende ziekenhuisbelang en maatschappelijk belang. En 85 procent van de msb’s heeft een professioneel bestuur en beschikt over voldoende mandaat.
Financiële belangen
De NZa had de ziekenhuizen en msb’s ook de opdracht gegeven om ervoor te zorgen dat de financiële belangen van de msb’s moesten aansluiten bij die van de ziekenhuizen. Uit het onderzoek blijkt dat de “overgrote meerderheid van de ziekenhuizen en vrijwel alle msb’s vinden de financiële belangen tussen de ziekenhuizen en msb’s in grote mate gelijkgericht”.
De NZa zet hier de nodige vraagtekens bij en schrijft: “Deze hoge mate van gelijkgerichtheid valt moeilijk te rijmen met de conclusies over de financiële transparantie van msb’s en over de gelijkgerichtheid met betrekking tot de interne verdeelsystematieken.”
Politiek correcte antwoorden
Voor dit onderzoek zette de NZa een enquete uit onder 60 ziekenhuizen en 61 msb’s. Zij kunnen namelijk zelf het beste inschatten hoe de samenwerking verloopt. Echter, zelfrapportage heeft het risico in zich dat er sociaal wenselijke of politiek correcte antwoorden worden gegeven, merkt de NZa op. Met name de msb’s hebben belang bij de uitkomsten van dit onderzoek.
Daarbij heeft de Federatie Medisch Specialisten (FMS) opgeroepen om de enquête samen met de ziekenhuizen in te vullen. Volgens de FMS om “het gesprek over gelijkgerichtheid (nogmaals) te voeren”. Maar het kan hierdoor ook zo zijn dat ziekenhuizen minder kritische antwoorden gaven dan wanneer ze de enquête, zelfstandig en anoniem hadden ingevoerd.
FMS is trots
De FMS publiceerde een nieuwsbericht over dit rapport. Daarin benadrukken ze dat de NZa “duidelijke vooruitgang” ziet in de samenwerking ziekenhuizen en msb’s. Federatievoorzitter Karel Hulsewé zegt: “Alle medisch specialisten, in loondienst en in vrij beroep, zetten zich elke dag in om passende zorg de norm te maken. Ik ben er trots op dat medisch specialisten en raden van bestuur in korte tijd concrete stappen hebben gezet op alle verbeterpunten. Dat laat zien dat we gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor de toekomst van de zorg. Met diezelfde inzet en samenwerking heb ik er alle vertrouwen in dat we ook de resterende punten verder oppakken.”

