© Sebastian Kaulitzki / stock.adobe.com
Hierdoor kunnen patiënten in de toekomst het ziekenhuis voor hun operatie beter kiezen.
Variatie tussen ziekenhuizen
Al jaren bestaan er grote verschillen tussen ziekenhuizen in het aantal complicaties na een radicale prostaatverwijdering, waarbij de uroloog de gehele prostaat en de zaadblaasjes weghaalt. In 2013 al bleek uit een analyse van de landelijke kwaliteitsindicatoren dat mannen met prostaatkanker 37,5 procent meer kans hadden op complicaties in ziekenhuizen die minder dan twintig prostaatverwijderingen per jaar uitvoeren. De toenmalige minimumnorm was toen twintig prostaatverwijderingen per jaar. Onderzoek uit 2018 toonde aan dat in ziekenhuizen die meer dan honderd prostaatverwijderingen uitvoeren de kans op urine-incontinentie kleiner is dan in ziekenhuizen die minder patiënten opereren. Hierop verhoogde de Nederlandse Vereniging van Urologen (NVU) de minimumnorm naar vijftig en vervolgens naar honderd in 2019.
Incontinentie
De praktijkvariatie bij prostaat-ectomieën genereerde in 2023 pas echt veel aandacht bij patiëntenorganisaties en de politiek door een publicatie van landelijk onderzoek door Maike Schepens, inmiddels kwartiermaker Transparantie bij Patiëntenfederatie Nederland. De onderzoeker concludeerde dat na een prostaatverwijdering in het beste ziekenhuis 19 procent van de mannen incontinent raakt. In het slechtste ziekenhuis is dat 85 procent. Ter vergelijking: in de Martini-Klinik in Hamburg, een gespecialiseerd centrum voor prostaatkanker, ligt dat percentage op 6,5 procent. Schepens vond ook variatie bij ziekenhuizen die deze operatie relatief vaak uitvoeren. Volgens haar moet een minimum-volumenorm gepaard gaan met het meten van resultaten per operateur, audits en feedback via kwaliteitsprogramma’s en het transparant maken van deze resultaten.
Urologen
Urologen beloofden de complicaties beter te gaan bijhouden in hun nieuwe kwaliteitsregistratie. Follow the Money schreef in 2024 echter dat de urologen nog geen haast maakten. Vooral urologen in kleine ziekenhuizen zouden meer transparantie over hun uitkomsten tegenhouden omdat ze bang waren operaties kwijt te raken. Nu is er dan toch een aangepast meetinstrument gekomen dat is vastgelegd in het Register voor Kwaliteitsinstrumenten van het Zorginstituut.
Meetinstrument prostaat
Het Meetinstrument Prostaat meet uitkomsten van een prostaatverwijdering: het aantal complicaties binnen 90 dagen na een prostaatoperatie, zoals een nabloeding of een infectie, in hoeverre de kanker bij patiënten echt weg is en of patiënten een jaar na de operatie nog last hebben van incontinentie.
Keuze-informatie
Met de informatie die beschikbaar komt, moeten patiënten een beter beeld krijgen van de verwachtingen na de prostaatoperatie. De informatie is beschikbaar vanaf mei 2028 via online platforms als ZorgkaartNederland.nl en Ziekenhuischeck.nl.
Ziekenhuizen
Het is de bedoeling dat ziekenhuizen op een eenduidige manier de bijwerkingen en complicaties in kaart brengen. Rik Somford, uroloog Canisius Wilhelmina Ziekenhuis en voorzitter multidisciplinaire kwaliteitsregistratie prostaatkanker: “Dit gezamenlijke meetinstrument gaat ons als urologen helpen om van elkaar te leren en beter te worden. Het voorkomt ook dat we appels met peren vergelijken. Ik hoop dat andere beroepsgroepen volgen.”
Zorginstituut Nederland
Het Zorginstituut sprak met partijen voor het herziene meetinstrument de opleverdatum van 1 juni 2026 af. Het meetinstrument is gemaakt door onder andere de Nederlandse Vereniging voor Urologie, Dutch Institute for Clinical Auditing, de Prostaatkankerstichting en Zorgverzekeraars Nederland.


Interessant dat de urologen de cijfers van de Martini-kliniek niet meenemen. Dat zou echt getuigen van een serieuze wens om te leren. Want beoefenen de urologen van die kliniek “medische rocket science”? Helemaal niet, de Nederlandse urologen zouden dezelfde resultaten kunnen bereiken door hun werk beter te organiseren. Door te vergelijken kan je reflecteren en verbeteren. De ervaring leert dat daarvoor externe prikkels nodig zijn anders duurt het leerproces te lang. En stel je nu eens voor dat dit soort verschillen binnen Europa niet alleen voorkomt bij prostaatoperaties maar -in meerdere of mindere mate- bij alle vormen van zorg? Wat een enorme verbetering in kwaliteit en efficiency ligt er dan nog voor het oprapen?